Bewijslast bij arbeidsongevallen: de werkgever aan zet
Mariska Kamsteeg
12/5/26
Het zal je maar overkomen. Je bent een zorgvuldige werknemer die de werkgever al meermaals heeft gewaarschuwd voor een veiligheidsrisico én zelf al meermaals een gevaarlijke situatie heeft opgelost. Desondanks word jij het slachtoffer van een arbeidsongeval. De werkgever erkent geen aansprakelijkheid, ondanks dat diens verzekeraar meent dat aansprakelijkheid een gegeven is. Na alles wat je al is overkomen ben je gedwongen deze zaak voor te leggen aan een rechter. De rechtbank Overijssel maakt in deze uitspraak gelukkig korte metten met deze zaak. U leest er meer over in deze blog.
Waar gaat het om?
Het slachtoffer, een uitzendkracht, is gedetacheerd bij Talen. De werkzaamheden bestaan onder meer uit het in elkaar zetten van pallets met behulp van een nietpistool. Dit nietpistool is aan een katrol bevestigd op ongeveer anderhalve meter hoogte. Daardoor kon ergonomisch worden gewerkt, zodat de nietpistool niet steeds opgetild hoefde te worden. Een collega van het slachtoffer besluit echter telkens om de beveiliging van de trekker van het nietpistool te omzeilen, door deze te modificeren door een elastiek om de trekker heen te doen. Daarmee kon forse tijdwinst behaald worden in de uitoefening van het werk, maar is er wel het risico dat het nietpistool nieten van 4,5 centimeter makkelijk kan afschieten. Dit is helaas ook gebeurd. Op de dag van het ongeval bukte het slachtoffer om een doos te pakken en liep daarbij met zijn rug onder het nietpistool door. Daarmee kwam zijn rug in aanraking met de beugel van het nietpistool, waardoor deze afging, aangezien de trekker in de schietstand stond. Een niet van 4,5 centimeter (een U-vorm) boorde zich in zijn rug. Hierbij is de long van het slachtoffer geperforeerd.
De verzekeraar van Talen, MSIG, heeft de belangenbehartiger van het slachtoffer laten weten dat volgens hun aansprakelijkheid van Talen een gegeven is. Maar, omdat Talen een groot deel van een schadevergoeding zelf moet betalen, is het aan Talen om te besluiten of zij de zaak willen regelen of niet. Omdat Talen nergens op reageert, moet het slachtoffer Talen in een procedure betrekken.
Bewijslast van de eisende partij
De aansprakelijkheid van een werkgever kan worden vastgesteld op grond van artikel 7:658 BW. Volgens dat artikel is de werkgever aansprakelijk jegens de werknemer voor schade die de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden lijdt, tenzij de werkgever aantoont dat hij heeft voldaan aan zijn zorgplicht of er sprake is van opzet of bewuste roekeloosheid aan de kant van de werknemer. Het is dus aan het slachtoffer om te stellen en zo nodig te bewijzen dat hij schade heeft opgelopen tijdens de uitoefening van de werkzaamheden. In dit geval is het ontstaan van schade bij de uitoefening van de werkzaamheden komen vast te staan. Het slachtoffer was namelijk op het werk tijdens het hem overkomen ongeval. Hij liep letselschade op. Dat is door de werkgever ook niet betwist. Daarom heeft het slachtoffer voldoende gesteld.
Bewijslast van de werkgever
Als de werknemer voldoende heeft gesteld of bewezen dat er schade is opgelopen in de uitoefening van de werkzaamheden, moet de werkgever aantonen dat hij aan zijn zorgplicht heeft voldaan, of dat er sprake is van opzet of bewuste roekeloosheid. Om aan te tonen dat een werkgever aan de zorgplicht van artikel 7:658 BW heeft voldaan, moet hij stellen en zo nodig bewijzen dat hij al die maatregelen heeft genomen en al die aanwijzingen heeft gegeven die redelijkerwijs nodig zijn om de schade te voorkomen.
Oordeel van de rechter
Talen in deze zaak heeft niet gereageerd op het verzoekschrift waarmee de procedure is gestart én is niet naar de zitting toegekomen. De rechter heeft vastgesteld dat de werkgever wel kennis had van de procedure en de zitting. De werkgever heeft dus niets gesteld over de zorgplicht en heeft niet aangetoond dat hij aan zijn zorgplicht heeft voldaan. De rechter volgt de stellingen van de werknemer – dat het nietpistool was gemodificeerd en dat de werkgever daar onvoldoende tegen deed – en stelt vast dat de werkgever zijn zorgplicht heeft geschonden.
Over opzet of bewuste roekeloosheid is niets door de werkgever naar voren gebracht. De rechter gaat daar dan ook niet inhoudelijk op in.
Conclusie
Deze uitspraak is een duidelijk voorbeeld van de bewijslast in arbeidszaken. Een slachtoffer hoeft alleen te bewijzen dat hem schade is overkomen in de uitoefening van zijn werkzaamheden. Dan is het aan de werkgever om aan te tonen dat hij aan zijn zorgplicht heeft voldaan. Toch is het raadzaam om bepaalde zorgplichtschendingen te benoemen. Zo kon de rechter in deze zaak de stellingen van het slachtoffer over de onveilige werksituatie volgen en aansprakelijkheid vaststellen, ondanks het feit dat de werkgever niet inhoudelijk had gereageerd.
Heeft u vragen over dit onderwerp?
Aarzel dan niet om contact met ons op te nemen. Dat kan via het telefoonnummer 073-690 0888 of door een e-mailbericht te sturen naar info@jba.nl.