Arbeidsongeluk

Van komkommerblad tot blindheid: rechtbank benadrukt zorgplicht werkgever

Willemijn Schut

10/6/26

Op 5 juni 2026 werd een uitspraak gepubliceerd van de Rechtbank Den Haag over werkgeversaansprakelijkheid na een arbeidsongeval waarbij een werknemer door een komkommerblad oogletsel opliep en uiteindelijk het zicht aan één oog verloor.
Feiten en omstandigheden
Via een uitzendbureau was de werknemer als inleenkracht op 6 augustus 2021 werkzaam bij zijn werkgever. De werkzaamheden bestonden uit het oogsten van jonge komkommerplanten.
Op 6 augustus 2021 is de werknemer tijdens het oogsten van de komkommerplanten slachtoffer geworden van een ongeval, waarbij de punt van een blad van een komkommerplant in zijn rechteroog terechtkwam. Als gevolg hiervan raakte zijn hoornvlies beschadigd. Later ontwikkelde zich een ernstige schimmelinfectie in dit oog. De werknemer is het zicht aan dit oog verloren.
Op 12 augustus 2022 heeft de werknemer zijn werkgever aansprakelijk gesteld voor de gevolgen van het arbeidsongeval. De werkgever heeft de aansprakelijkheid afgewezen.
De werknemer had medisch advies ingewonnen over zijn medische situatie. De medisch adviseur schreef dat het letsel zonder enige twijfel het gevolg is van het ongeval tijdens zijn werk op de komkommerkwekerij en daarmee ook van het medisch beloop en de daarmee samenhangende klachten.
Standpunt werknemer
Aan zijn verzoeken legt de werknemer ten grondslag dat hij in de uitoefening van de werkzaamheden die hij voor zijn werkgever verrichtte ernstige schade heeft opgelopen aan zijn rechteroog. Daardoor is hij het zicht aan dit oog verloren. De werkgever is volgens de werknemer aansprakelijk voor de daardoor ontstane schade, nu zij niet heeft voldaan aan de op haar rustende zorgplicht.
Gelet op de geldende Arbo-normen had de werkgever volgens de werknemer passende persoonlijke beschermingsmiddelen aan hem ter beschikking moeten stellen, met name door het verstrekken van een veiligheidsbril en het geven van instructies. Dit te meer aangezien het binnen de branche bekend is dat contact tussen komkommerplanten en het lichaam geregeld voorkomt en dus als werkrisico wordt gezien. Ook ten aanzien van de nazorg na het ongeval kan de werkgever volgens de werknemer het nodige worden verweten. De werkgever zou hebben nagelaten om de werknemer te instrueren om na het ongeval gebruik te maken van de spoelvoorziening.
Standpunt werkgever
De werkgever betwist dat zij in strijd heeft gehandeld met de op haar rustende zorgplicht. Het risico op oogletsel als gevolg van een blad van een komkommerplant in het oog bij het oogsten van komkommers is volgens de werkgever zo gering dat niet redelijkerwijs van de werkgever gevergd kon worden dat met het oog daarop een veiligheidsbril aan de werknemer werd verstrekt. Omdat de kans dat een blad in het oog van een werknemer zou komen zo gering is, heeft de branchevereniging dit risico ook niet opgenomen in haar model-RI&E. De werkgever stelt dat hij ervan mocht uitgaan dat alle relevante risico’s hierin waren opgenomen.
Verder betwist de werkgever het causaal verband tussen het feit dat de werknemer een komkommerblad in zijn oog heeft gekregen en het ontstane letsel. Dit letsel is volgens de werkgever veroorzaakt door een lichaamseigen schimmel die in het oog een infectie heeft veroorzaakt. Ook kan de werkgever niet worden verweten dat er geen nazorg zou zijn verleend. Nadat de werknemer een blad van een komkommerplant in zijn oog had gekregen, heeft hij volgens de werkgever nagelaten om zijn oog te spoelen met de aanwezige spoelflessen. Dit terwijl de werknemer wist, of moest weten, dat de spoelflessen aanwezig waren. Daarnaast heeft het bijna een week geduurd voordat de werknemer naar de huisarts is gegaan. Deze vertraging heeft een nadelige impact gehad op het herstel van het oog. Dit leidt volgens de werkgever tot eigen schuld aan de zijde van de werknemer.
Beoordeling
Allereerst gaat de rechtbank in op het causaal verband tussen het incident en het letsel van de werknemer.
De werkgever betwist op zich niet dat het letsel van de werknemer is veroorzaakt door een schimmelinfectie. Volgens de werkgever betreft het hier echter een lichaamseigen schimmel (candida parapsilosis) die ter plaatse een ooginfectie heeft veroorzaakt. De ooginfectie is volgens de werkgever niet veroorzaakt door het contact met het komkommerblad.
De kantonrechter volgt de werkgever hierin niet. Naar het oordeel van de kantonrechter heeft de werknemer voldoende onderbouwd dat hij als gevolg van het contact met het komkommerblad een ernstige (schimmel)infectie in zijn rechteroog heeft opgelopen, welke uiteindelijk heeft geleid tot het verlies van het zicht aan dit oog. Daarbij is minder relevant of de infectie die naar aanleiding van dit letsel is ontstaan, is veroorzaakt door het contact met het komkommerblad dan wel (mede) is veroorzaakt door een lichaamseigen schimmel die kennelijk veel mensen bij zich dragen. Uit de door de werknemer overgelegde informatie volgt namelijk dat deze schimmel meestal niet schadelijk is, maar dat deze door verwondingen (zoals bijvoorbeeld een verwonding door een komkommerblad in het oog) ervoor kan zorgen dat deze op plaatsen groeit waar dat niet hoort. Niet uit te sluiten valt dat dit bij de werknemer is gebeurd. Dat is dan echter alsnog het gevolg van het krijgen van een komkommerblad in het oog van de werknemer. Daarmee is het causaal verband tussen het incident en het letsel volgens de rechtbank gegeven.
Er staat dus vast dat er sprake is van causaal verband tussen het contact met het komkommerblad tijdens de werkzaamheden die de werknemer voor zijn werkgever uitvoerde en het letsel van de werknemer. De werkgever is dan ook aansprakelijk voor de schade die de werknemer als gevolg van dit letsel lijdt en heeft geleden, tenzij de werkgever aantoont dat zij aan haar zorgplicht heeft voldaan dan wel dat er sprake is van opzet of bewuste roekeloosheid aan de zijde van de werknemer. Nu gesteld noch gebleken is dat er sprake is van opzet dan wel bewuste roekeloosheid aan de zijde van de werknemer, moet worden beoordeeld of de werkgever aan haar zorgplicht heeft voldaan.
De werkgever stelt dat van haar, gelet op de aard van de werkzaamheden en de geringe kans op een ongeval, niet meer veiligheidsmaatregelen mochten worden verwacht dan de maatregelen die zij reeds had genomen. Die stelling volgt de kantonrechter niet. De werkgever doet voorkomen alsof bij het oogsten van komkommers vrijwel geen risico op een ongeval bestaat, maar dat dit het geval is, blijkt niet. Zo blijkt uit een verklaring dat het voorkomt dat mensen die in de komkommerkwekerij werken, met hun ogen in aanraking komen met de komkommerbladeren en daar last van hebben. Het risico is dan ook niet gering.
Verder heeft de werkgever verklaard dat het voor de oogst van komkommers nodig is om met de armen tussen de gewassen op zoek te gaan naar komkommers. Dat betekent dat de werknemer voor de uitoefening van zijn werkzaamheden met zijn hoofd in de buurt van de bladeren van komkommerplanten kwam. Bladeren waarvan bekend is dat deze scherpe uiteinden kunnen hebben. Daar komt bij dat de werknemer onweersproken heeft gesteld dat jaarlijks ongeveer vijftig mensen oogklachten krijgen tijdens het oogsten van komkommerplanten. Het is dus niet zo dat het oplopen van oogklachten zeldzaam is bij het oogsten van komkommers. Weliswaar zijn deze oogklachten niet altijd zo ernstig als in het geval van de werknemer, maar het betekent wel dat er een wezenlijk risico bestaat op het ontstaan van letsel.
Het enkele feit dat branchevereniging Stigas het risico niet in haar risico-inventarisatie heeft opgenomen, maakt dat niet anders, te meer niet nu het een inventarisatie betreft die door de branchevereniging zelf is opgesteld en die verder niet door een relevante onafhankelijke instantie is getoetst.
Gelet op voornoemde omstandigheden had de werkgever volgens de kantonrechter haar werknemers dienen te beschermen tegen mogelijk letsel als gevolg van het in aanraking komen van de ogen met een komkommerblad. Dat had de werkgever in dit geval ook eenvoudig kunnen doen door een veiligheidsbril beschikbaar te stellen en de werknemer te instrueren deze veiligheidsbril tijdens het oogsten te dragen. Ook had de werkgever moeten wijzen op de aanwezigheid van spoelflessen en de werknemer na het ongeval moeten instrueren om van de spoelflessen gebruik te maken. Aangezien de werkgever deze veiligheidsmaatregelen, gelet op het reële veiligheidsrisico, niet heeft genomen, heeft zij niet voldaan aan de op haar rustende zorgplicht.
Tot slot gaat het beroep op eigen schuld niet op. In het geval van werkgeversaansprakelijkheid blijft namelijk het uitgangspunt dat schade die een werknemer in het kader van de uitvoering van de hem opgedragen werkzaamheden lijdt, waarvoor de werkgever op grond van artikel 7:658 lid 4 BW aansprakelijk is, geheel voor rekening van de werkgever komt, tenzij de schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer. Aangezien het de werkgever is die (mede) de werkomstandigheden bepaalt, eist de in artikel 6:101 lid 1 BW bedoelde billijkheid om de schuld van de werknemer die niet bestaat uit opzet of bewuste roekeloosheid, voor rekening van de werkgever te laten komen.
Conclusie
De werkgever is dan ook aansprakelijk voor het ontstaan en de gevolgen van het ongeval dat de werknemer op 6 augustus 2021 is overkomen.
Dit artikel is geschreven door
Willemijn Schut

Heb je vragen? Neem vrijblijvend contact op.

Heb je wat anders op je hart?

Stel ons je vraag. We antwoorden graag.