Verkeersongeluk

Weduwe van verongelukte fietser moet voor schokschade naar de civiele rechter

Een vrachtwagenchauffeur rijdt een kruispunt over zonder voorrang te verlenen en raakt een fietser. De man overlijdt een dag later. Zijn vrouw ziet hem in het ziekenhuis zo zwaar gewond dat ze hem alleen nog aan zijn kleding herkent.

De Rechtbank Gelderland veroordeelde de chauffeur op 30 oktober 2026. Maar over de schokschade van de weduwe nam de rechtbank in de strafzaak geen beslissing. Wil zij die via de rechter vergoed krijgen, dan moet ze naar de civiele rechter. De uitspraak is op 2 november 2026 gepubliceerd en kunt u hier teruglezen.

Wat is er gebeurd?

Op 4 juni 2025 reed een vrachtwagenchauffeur rond vijf uur 's middags over een industrieterrein in Duiven. Bij de kruising met een voorrangsweg gaven een verkeersbord en haaientanden aan dat hij voorrang moest verlenen. Aan de overkant van de kruising lag een fietspad. De chauffeur zag de borden en de haaientanden en wist dat hij voorrang moest geven. Toch reed hij met zo'n 20 kilometer per uur door, zonder te stoppen of zijn snelheid te minderen.

Op dat moment fietste er een man over het fietspad. De chauffeur zag hem pas toen de fietser recht voor zijn cabine opdook. Hij remde meteen, maar kon niet meer uitwijken en raakte het achterwiel van de fiets. De man kwam hard ten val. Hij liep onder meer hersenbloedingen en breuken in zijn schedel en gezicht op en overleed een dag later in het ziekenhuis.

Volgens het onderzoek van de politie speelde er geen technisch probleem of slecht ontwerp van de kruising mee. Het zicht was goed en het weer ook. Wel bleek uit onderzoek van zijn telefoon dat de chauffeur kort voor en tijdens het ongeluk handsfree aan het bellen was.

Schuld aan het ongeval

De chauffeur werd vervolgd voor het veroorzaken van een dodelijk verkeersongeval (art. 6 Wegenverkeerswet 1994). Daarvoor moet er sprake zijn van schuld in strafrechtelijke zin. Dat vraagt meer dan een moment van onoplettendheid. Er moet minstens sprake zijn van een aanmerkelijke mate van onvoorzichtigheid of onoplettendheid. De ernst van de gevolgen alleen is niet genoeg.

De verdediging vond dat die grens hier niet werd gehaald. De chauffeur had de fietser simpelweg niet gezien. Dat hij handsfree belde, had volgens de advocaat niets met het ongeluk te maken.

De rechtbank zag dat anders. Van een beroepschauffeur mag meer zorgvuldigheid worden verwacht dan van een gewone weggebruiker. Een vrachtwagen is zwaar, heeft een lange remweg en richt bij een aanrijding veel meer schade aan. Wie zo'n voertuig bestuurt, moet extra rekening houden met kwetsbare weggebruikers zoals fietsers.

Deze chauffeur wist dat hij voorrang moest verlenen, maar reed toch zonder af te remmen de kruising over. Daarmee nam hij zichzelf de kans af om nog op tijd te reageren. Het kruispunt was overzichtelijk. Hij kon ook niet uitleggen waarom hij de fietser niet had gezien. Bovendien was hij aan het bellen, wat aandacht kost en juist extra oplettendheid vraagt. Alles bij elkaar was hij volgens de rechtbank aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend geweest. Alleen van het vasthouden of bedienen van zijn telefoon sprak de rechtbank hem vrij, omdat dat niet kon worden bewezen.

De straf

De rechtbank legde een taakstraf van 240 uur op en ontzegde hem voor twaalf maanden de rijbevoegdheid, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Volgens de richtlijnen die rechters gebruiken, past bij zo'n zaak normaal gesproken een volledig onvoorwaardelijke rijontzegging van een jaar. De rechtbank week daar deels van af. De chauffeur is de enige kostwinner van zijn gezin en kan zonder rijbewijs zijn werk niet doen.

De rechtbank zei er met zoveel woorden bij dat geen enkele straf het verdriet van de nabestaanden kan compenseren.

De vordering van de weduwe

De vrouw van de overleden fietser voegde zich in de strafzaak als benadeelde partij. Ze vorderde € 20.000 aan schokschade. In het ziekenhuis was ze geconfronteerd met het zware letsel van haar man. Ze herkende hem alleen nog aan zijn kleding en zat aan zijn bed tot hij overleed. Dat leidde bij haar tot een hevige emotionele schok. Uit het dossier van de huisarts bleek dat ze posttraumatische klachten had die volgens hem ook aan de criteria van PTSS voldeden.

Wat is schokschade?

Schokschade is de schade van iemand die psychisch letsel oploopt doordat hij een ernstig ongeval ziet gebeuren, of direct wordt geconfronteerd met de ernstige gevolgen ervan (artikel 6:106 lid 1 onder b BW). Denk aan een ouder die zijn kind zwaargewond aantreft, of een partner die haar man in het ziekenhuis ziet liggen.

De Hoge Raad stelt daar wel duidelijke eisen aan. Er moet sprake zijn van een hevige emotionele schok. Daaruit moet geestelijk letsel zijn voortgekomen dat ernstig is naar aard, duur of gevolgen. Dat letsel moet ook voldoende objectief zijn vast te stellen. Meestal gaat het om een in de psychiatrie erkend ziektebeeld. Maar ook zonder zo'n officiële diagnose kan de rechter schokschade toekennen, als een bevoegde en bekwame deskundige het geestelijk letsel onderbouwt. Dat kan een psychiater zijn, een psycholoog of een huisarts.

Is dat het geval, dan komt zowel de materiële als de immateriële schade voor vergoeding in aanmerking. De hoogte van het smartengeld bepaalt de rechter naar billijkheid, met onder meer aandacht voor de ernst van het letsel, de verwachting van herstel en bedragen die in vergelijkbare zaken zijn toegekend.

Waarom de rechtbank niet besliste

De officier van justitie en de verdediging vonden allebei dat de rechtbank de vordering niet moest behandelen. Volgens de verdediging lag er geen rapport waarin een deskundige het geestelijk letsel vaststelde en het verband met het ongeval onderbouwde. Om dat alsnog uit te zoeken, zou nader onderzoek nodig zijn.

De rechtbank ging daarin mee. Ze erkende dat de gebeurtenissen voor de weduwe schokkend waren. Ze was geen getuige van het ongeluk, maar wel direct geconfronteerd met het letsel en het overlijden van haar man. Alleen kon de rechtbank uit de stukken niet zonder meer afleiden dat die schok had geleid tot ernstig geestelijk letsel. De aantekeningen in het huisartsendossier waren daarvoor niet genoeg.

Nader onderzoek in de strafzaak zou volgens de rechtbank een onevenredige belasting van het strafproces opleveren. De strafrechter moet in de eerste plaats over de strafzaak oordelen. Een ingewikkelde schadevordering kan daar niet altijd bij. De weduwe werd daarom niet-ontvankelijk verklaard.

Dat klinkt hard, maar het is geen afwijzing. Niet-ontvankelijk betekent alleen dat de strafrechter er niet over beslist. De weduwe kan haar vordering nog steeds bij de civiele rechter indienen. Daar is wel ruimte voor nader onderzoek, bijvoorbeeld door een psychiater of psycholoog.

Conclusie

Voor nabestaanden is een strafzaak vaak de eerste plek waar ze hun schade aankaarten. Dat is begrijpelijk. Het is relatief eenvoudig en als de dader wordt veroordeeld, kan de Staat het bedrag bij hem innen. Maar deze uitspraak laat zien dat dat bij schokschade niet altijd werkt. Zodra de vordering ingewikkeld is, kan de strafrechter haar terzijde leggen.

Wie schokschade wil vorderen, doet er daarom goed aan het geestelijk letsel stevig te onderbouwen.

  • Laat een deskundige rapporteren. Een rapport van een psychiater, psycholoog of huisarts dat ingaat op de aard, de duur en de gevolgen van het letsel weegt veel zwaarder dan losse aantekeningen in een huisartsendossier.
  • Laat het verband met het ongeval onderbouwen. De deskundige moet uitleggen waarom de klachten voortkomen uit de schok van wat u heeft gezien of meegemaakt.
  • Kies de juiste route. Lukt het niet om de vordering in de strafzaak goed te onderbouwen, dan kan het verstandiger zijn de schade buiten de strafzaak te verhalen. Bijvoorbeeld bij de aansprakelijkheidsverzekeraar of via de civiele rechter.

Daarnaast heeft een partner van een overledene recht op affectieschade, een vast bedrag als erkenning voor het verdriet om het verlies. Daarover ging het in deze strafzaak niet. Laat u als nabestaande dus goed adviseren over alle schade waar u recht op heeft.

Heeft u een dierbare verloren door een verkeersongeval en wilt u weten waar u recht op heeft?

Aarzel dan niet om contact met ons op te nemen. Dat kan via het telefoonnummer boven in beeld of door een e-mailbericht te sturen naar info@jba.nl.

‍

Dit artikel is geschreven door
Demen Bülbül

Heb je vragen? Neem vrijblijvend contact op.

Bewijs

Letselschade­specialisten waar je op kunt bouwen

12.000+
Tevreden klanten


Dé letselschadespecialist van Zuid-Nederland.

12.000+
Zaken

Ruime ervaring met verkeersongevallen en bedrijfsletsel.

9.4
Op Trustoo

"JBA heeft ons dossier buitengewoon goed en effectief afgehandeld."

Gespecialiseerd en gecertificeerd

De advocaten van JBA zijn specialisten. Het kantoor is aangesloten bij het Keurmerk Letselschade.

Heb je wat anders op je hart?

Stel ons je vraag. We antwoorden graag.